Title

De Staat van het Nederlands

Een onderzoek over het gebruik van het Nederlands en andere talen in Nederland, Vlaanderen en Brussel

Waarom is er een Staat van het Nederlands?

De wereld is een dorp en in ons eigen dorp is de hele wereld aanwezig. Dat brengt ook andere talen met zich mee. Meertaligheid is een realiteit, ook in onze eigen onmiddellijke omgeving.

Voor de Taalunie stelt zich daarom de vraag wat dit betekent voor de positie van het Nederlands in de Nederlandse en Vlaamse samenleving. Is het Nederlands nog vanzelfsprekend de voertaal – of het nu standaardtaal, tussentaal of dialect is – of dienen zich ook andere talen aan?

Om de Staat van het Nederlands in kaart te brengen, onderzoeken het Meertens Instituut en de Universiteit Gent het gebruik van het Nederlands en andere talen in diverse maatschappelijke domeinen. Ze doen dat zowel nu als in de toekomst. Zo kunnen ook evoluties worden opgevolgd. De Taalunie hoopt het onderzoek later uit te breiden naar Suriname en het Caribisch gebied.

Als het Nederlands een levendige en aantrekkelijke taal wil blijven, moet het in alle belangrijke maatschappelijke domeinen een positie blijven behouden. Daar maakt de Taalunie zich sterk voor. 

Wat wordt met de Staat van het Nederlands onderzocht?

Met de Staat van het Nederlands wordt het gebruik van het Nederlands en andere talen in Nederland (3003 Nederlanders – inclusief Friesland, van wie 133 Friezen), Vlaanderen (3419 Vlamingen) en Brussel (113 Brusselaars) onderzocht, en dat in de volgende gebundelde domeinen:

  •          in sociaal verkeer;
  •          op het werk;
  •          in cultuur en media;
  •          in onderwijs en wetenschap.

Bij de interpretatie van de resultaten moet er steeds rekening mee worden gehouden dat de enquête enkel is afgenomen onder Nederlandstaligen, al dan niet moedertaalsprekers. Vooral voor Brussel betekent dit een inperking tot de leefwereld van de Nederlandstalige Brusselaar.

Hoe wordt het gebruik van talen in kaart gebracht en opgevolgd?

Voor het onderzoek stelden het Meertens Instituut en de Universiteit Gent een panel van rapporteurs samen uit heel Nederland, Vlaanderen en Brussel. Zij beantwoorden vragen over de talen die ze zelf gebruiken en in hun omgeving waarnemen, thuis, op school, op het werk, in de winkel, bij de dokter en in andere maatschappelijke situaties.

Naast de antwoorden van de panelleden verzamelen de onderzoekers ook feitelijke gegevens. Zowel de bevraging als de gegevensverzameling kan tweejaarlijks worden herhaald om eventuele evoluties zichtbaar en inzichtelijk te maken. Op basis van de resultaten kan de Taalunie waar nodig nieuw beleid ontwikkelen om het Nederlands te ondersteunen.

Wil je zelf lid worden van het rapporteurspanel voor de Staat van het Nederlands? Meld je aan via de website van het Meertens Instituut.

 

Talengebruik in sociaal verkeer

Welke taal spreken we met onze naaste omgeving (familie, vrienden & bekenden) en in diverse sociale situaties (ziekenhuis, huisarts & supermarkt)?
Welke talen nemen we waar in die diverse sociale situaties?
Hoe staan we tegenover het Nederlands?

 

Lees meer

 

Talengebruik op het werk

Welke talen worden op de werkvloer gebruikt?
In welke talen communiceren bedrijven en organisaties naar de buitenwereld?
In welke talen zijn vacatures geschreven en welke talenkennis wordt daarin gevraagd?
Vinden we het een voorwaarde dat mensen Nederlands moeten kennen om werk te krijgen? 

Lees meer

 

Talengebruik in media en cultuur

In welke talen bekijken of beluisteren we het nieuws?
Welke talen gebruiken we in sociale media? 
In welke talen nemen we deel aan cultuur? 
 

Lees meer

Talengebruik in onderwijs en wetenschap

Welke talen worden in het onderwijs gebruikt?
Wat vinden we ervan als niet-taalvakken in een andere taal dan het Nederlands wordt gegeven? Wat is de positie van het Nederlands in de wetenschap?

Lees meer